ntfu_logo

Mededelingen:

Den store styrkeproven
= opstapp'n en wieter fiets'n =

In gesprek met Carel ten Have, Wim Halink en Laurens Klein Falckenborg over hun fietstocht van Trontheim naar Oslo.
De 540 kilometer lange fietstocht wordt gehouden tijdens de middernachtzon, de langste dag van het jaar en staat bekent als de grote krachtproef, of den store styrkeproven. Dit jaar (2008) werd de tocht verreden op 21 en 22 juni. Over de tocht mag maximaal 40 uur worden gedaan.

den-store-styrkeprven

Vanuit zee (Trondheim) stijgt de weg geleidelijk naar 1400 meter hoogte. De tocht voert tientallen kilometers over de Hjerkinn hoogvlakte. Dan volgt een 10 kilometer lange steile afdaling naar Dombas, om vervolgens over een stuk van 100 kilometer geleidelijk verder af te dalen door een prachtige omgeving. Na Lillehammer via de oude E6 langs het Mjosameer. En dan nog een stuk met pittige hellingen richting Oslo.











Op zondagmiddag, 27 juli, fiets ik naar het huis van Wim en Ellie Halink. Het is prachtig zomerweer. Op de achtergrond hoor ik de zinderende motorgeluiden en de daverende muziek van de Zwarte Cross. Hoewel het spektakel meer dan 100.000 bezoekers trekt, gaan mijn gedachten vooral uit naar de klus die me vanmiddag te wachten staat. Ik kan niet ontkennen dat de spanning oploopt bij het idee dat ik over enkele minuten oog in oog zal staan met deze krachtpatsers.

Aan de start in Trondheim

= Aan de start in Trondheim =

Dan ontmoet ik Wim, Laurens en Carel met hun respectievelijke echtgenotes Ellie, Margriet en Ans. Voor ik bij hen aan schuif, loop ik eerst nog wat door de lommerrijke tuin van Wim en Ellie. Op die manier krijg ik langzaam weer enigszins grip op mezelf. Ik ben onder de indruk van de kleurige borders en de geweldige waterpartij op wat men ook wel het drielandenpunt van de gemeente Oost Gelre noemt. Het knooppunt Lichtenvoorde, Zieuwent, Harreveld aan de Japikweg. De mannen komen na hun Noorse avontuur voor het eerst weer bij elkaar om nog eens over de monstertocht na te praten. Ellie zorgt voor koffie en beschuit met aardbeien. Ik vraag mij af wat voor kerels het zijn, die zich vrijwillig storten in een dergelijk avontuur. En alsof Ellie mijn gedachten raadt, merkt ze op dat deze mannen voer voor psychologen zijn.

de spanningen lopen op

= de spanningen lopen op =

Vier jaar geleden fietste Carel de tocht voor het eerst. Dit jaar wil hij de tocht nogmaals ondernemen als onderdeel van een vakantie naar Noorwegen. Als Laurens van zijn plannen hoort besluit hij om mee te gaan. Al jaren heeft hij in zijn hoofd om deze monstertocht eens te fietsen. Wim die de tocht al drie keer gereden heeft, twintig jaar geleden voor het eerst met Ellie, completeert het drietal.

Carel vertrekt met de trein naar Denemarken om van daaruit per boot de oversteek naar Noorwegen te maken. Al slingerend langs de verschillende fjorden fietst hij in ongeveer tien dagen naar Trondheim. Carel reist alleen met een klein rugzakje met een minimum aan bagage. Wat extra fietskleding, een afritsbare broek en een trui. Van zijn tandenborstel heeft hij zelfs een stuk van het steeltje afgezaagd. Een handdoekje zo groot als een vaatdoek, die hij overigens onderweg ook nog verliest. Als schoeisel heeft hij de crocks ontdekt. Kunststof klompen waar inmiddels half Nederland op rondloopt. Carel zweert er bij. Ik durf hem niet meer te vragen hoe hij het met zijn ondergoed doet.
Wim en Laurens vliegen naar Oslo, om vervolgens in vier dagen een afstand van 600 kilometer met de fiets te overbruggen naar Trondheim. Zij hebben beiden twee fietstassen aan de bagagedrager bevestigd. Tijdens de tocht zelf wordt de bagage overigens naar Oslo overgebracht. Carel kan er nog steeds niet goed over uit hoeveel de beiden meegenomen hebben en hoe ze het in Gods naam allemaal in de tassen krijgen. Wim heeft ook nog 200 boterhamzakjes meegenomen. Als ik naar de reden vraag verwijst hij naar Ellie. Omdat zij ze in de tas heeft gedaan. Ten opzichte van Carel nemen ze tien keer zoveel mee.
Een dag voor de tocht ontmoeten ze Carel in Trondheim.

de heren kunnen nog lachen

= de heren kunnen nog lachen =

Begin februari starten ze met de voorbereidingen. Van de ATB-tochten in het winterseizoen, stappen ze over op de racefiets om met het trainingsprogramma te beginnen. Aanvankelijk fietsen ze een maal per week een tocht in het weekend en twee keer per week bezoeken ze de sportschool om te spinnen. Later in het seizoen als het 's avonds licht wordt verruilen ze de sportschool voor de trainingsavonden van de Keitrappers. In het begin fietst Joop Radstake nog wel eens mee, maar na een ritje op en neer naar Tolkamer houdt hij het voor gezien.
Soms worden er in een weekend twee tochten verreden. Op enig moment fietsen ze op en neer naar Assen een tocht van 350 kilometer. Carel heeft de tocht uitgezet, maar heeft zich 100 kilometer vergist. Als ze er totaal doorheen zitten is hij bereid om Ans te bellen om ze op te laten halen. Uiteindelijk vermannen ze zich en fietsen ze na een ijsje de laatste 100 kilometer in trance naar huis.
Als Laurens trots vertelt, dat hij tijdens een van zijn tochten via Ommen naar Heeten is gefietst om een voetbaltoernooi van zijn dochter te bezoeken, wordt minnetjes opgemerkt dat dit gewoon de kortste route is. Overigens mist Laurens alle wedstrijden en krijgt nog net een glimp mee van de prijsuitreiking.
Een andere keer fietsen ze op en neer naar Zevenaar om daar vervolgens een tocht te fietsen. Aan het eind van de dag staan er 250 kilometer op de teller. Die dag hebben ze gezelschap van Peter Tankink, die al na luttele kilometers met maagklachten de bosjes in duikt. Wat daar tussen de struiken gebeurd wordt niet duidelijk. Peter knapt na de tussenstop echter zienderogen op en brengt de tocht tot een goed einde.
Op Koninginnedag, Hemelvaart en de vrijdag en zaterdag daar op aansluitend wordt 400 kilometer getraind. Carel mag op Hemelvaart niet mee. Het is traditie dat Wim en Laurens op die dag met hun echtgenotes fietsen. Wonder boven wonder komen ze Carel halverwege ergens tegen en is de heilige drie-eenheid herenigd.
Laurens noemt de baggertocht van Neede nog als uitzondering op goed weer in het voorseizoen.
Uiteindelijk hebben Wim en Laurens voor de tocht 5000 kilometer gereden en Carel zelfs 6000 kilometer. En desondanks zegt Carel altijd bang te zijn m te weinig te doen. De prestatie ligt in de voorbereiding, verwijst Ellie naar een uitspraak van Anton van Dijk.

 

Carel fiets de tocht alleen. Onderweg sluit hij soms aan bij een groepje. Soms is dat stimulerend en zorgt de onderlinge competitie er voor dat het tempo strak blijft. Een ander groepje hindert hem meer, dan dat het oplevert. Bergop rijdt hij voortdurend van ze weg. In de afdalingen halen ze hem dan weer in. Het zorgt er voor dat hij te veel op reserve rijdt. De laatste 100 kilometer kan hij opnieuw aansluiten bij een inspirerende groep, waardoor het tempo stijgt en er weer kop over kop gekoerst wordt. Na 18 uur, 43 minuten en 5 seconden passeert hij de finish. Verbijsterd, zijn ogen dicht knijpend, ziet hij dat hij 45 seconden sneller is dan vier jaar geleden. Zijn teller geeft een gemiddelde van 30 kilometer per uur aan.

hoogteprofiel Trondheim – Oslo

=hoogteprofiel Trondheim - Oslo =

Laurens en Wim fietsen samen en zijn minder op de tijd gefocust. Hun doel is alleen de tocht uit te fietsen. Dat gaat overigens bijna mis als Laurens na 15 kilometer valt. Het blijft gelukkig bij schaafwonden aan beide ellebogen, heupen en knieen. Hij is geschrokken van Wim, wiens fiets in een afdaling met een snelheid van 65 kilometer per uur begint te sjimmieren. Op navraag naar de betekenis van dit woord, wordt mij uitgelegd dat men de controle over de fiets verliest en de fiets als het ware begint te zwabberen. Laurens glijdt over het natte wegdek om vervolgens tegen een vangrail tot stilstand te komen. De val kost energie en stelt hem mentaal op de proef. Wim vertelt nog, dat je op zo'n moment maar een ding kunt doen en dat is opstapp'n en wieter fiets'n. Als bij de eerstvolgende pauze de scheef geraakte derailleur wordt rechtgezet, komt de moraal terug. Binnen 23 uur volbrengen ze de tocht.

Laat zien waar je vandaan komt

= Laat zien waar je vandaan komt =

Als Carel na een paar uur wakker wordt en de anderen zoekt, hoort hij van een fietser uit Dinxperlo voor het eerst dat Laurens gevallen is. Als hij zijn metgezellen ook niet kan vinden in een van de slaapvertrekken, houdt hij er serieus rekening mee, dat ze het niet hebben gehaald. Echter, hoewel hij op de bagage van Laurens en Wim een briefje heeft bevestigd met zijn slaapplek, hebben zij hem niet kunnen vinden. Uiteindelijk zijn ze in een tennishal gaan slapen, terwijl Carel boven op het juryhok van de ijshockeyvereniging in slaap is gevallen. Uiteindelijk vindt hij zijn fietsmaten en staat aan hun voeteneind als ze wakker worden.

Of Carel hierna nog door de dopingcontrole komt?

= Of Carel hierna nog door de dopingcontrole komt? =

Carel vertelt nog over een woordenwisseling met iemand van de organisatie. Hij verwijt hen, dat ze zijn rode rugzak niet mee vervoerd hebben naar Oslo. Al bijna stelt hij de organisatie aansprakelijk als hij zich realiseert, dat zijn rugzak blauw van kleur is. Het is een van de voorbeelden waarin Carel vertelt hoe chaotisch hij bij tijd en wijle is en hoe zorgvuldig voorbereid ook, hij nogal eens iets verliest. Het is maar goed dat de bomen waarmee hij werkt vast staan, merkt Wim droogjes op.
Laurens vertelt nog dat ze op zoek naar een camping door enkele Noren 25 kilometer verder gestuurd zijn om uiteindelijk weer bij dezelfde camping aan te komen.

Als ik tenslotte vraag of er nog nieuwe plannen op de plank liggen, vertelt Wim, dat hij aanvankelijk Trondheim - Oslo nooit meer wilde fietsen, maar dat na een dag rust het verlangen om deze monstertocht nog eens te maken al weer toenam. Laurens wil nog wel een keer met hem mee. Carel mijmert over een fietstocht naar de Zwarte Zee.

JM